Göksel beweegt zich al jaren in een zeldzaam gebied tussen melancholie en elegantie. Haar liedjes klinken alsof ze rechtstreeks uit de nacht van Istanbul zijn geplukt: weemoedig, stijlvol en met een onderhuidse spanning die nooit groot hoeft te worden om hard binnen te komen.

Waar veel Turkse pop grossiert in drama, zoekt Göksel juist de nuance. In haar muziek hoor je echo’s van seventies soul, zachte arabesk, chanson en moderne stadspop — gedragen door een stem die even koel als troostend kan klinken. Live ontstaat daardoor iets bijzonders: geen opzichtig spektakel, maar een zaal die langzaam dezelfde ademhaling krijgt.